Inwoners van Zeewolde kunnen de komende maanden helpen bij een onderzoek naar vleermuizen in Zeewolde Midden en Horsterveld.
De gemeente laat in kaart brengen hoeveel vleermuizen er leven en waar ze verblijven. Daarbij wordt extra gekeken naar zogenoemde kraamkolonies, plekken waar vrouwtjes samenkomen om hun jongen groot te brengen. Voor het tellen daarvan worden vrijwilligers gezocht.
De informatieavond daarover is op donderdag 23 april om 19.30 uur in De Meermin. In Up2Date vertelde Isabelle Bense, ecologisch adviseur van adviesbureau Palustris, waarom dat onderzoek nodig is.
Vleermuizen zijn beschermde dieren en kunnen in de knel komen bij werkzaamheden aan woningen, bijvoorbeeld bij verbouwing of isolatie. Juist daarom is het volgens haar belangrijk om te weten waar ze zitten, zodat daar rekening mee kan worden gehouden. Ook landelijk staan vleermuizen onder druk, onder meer door afname van insecten, gebruik van gif, verlichting en het verduurzamen van gebouwen.
Volgens Bense zijn vleermuizen nuttiger dan veel mensen denken. Alle vleermuizen in Nederland leven van insecten. In een waterrijk dorp als Zeewolde betekent dat ook dat ze veel muggen eten. “Zo’n vleermuis kan wel duizend muggen eten per nacht”, vertelde zij in de uitzending. Daarmee spelen ze ook een rol in de natuurlijke bestrijding van insecten zoals de eikenprocessievlinder en de buxusmot.
Dat vleermuizen vaak als eng worden gezien, is volgens haar vooral beeldvorming. In films en verhalen worden ze gekoppeld aan duisternis en vampieren, maar in de praktijk zijn het juist kwetsbare en schuwe dieren. Ze bijten mensen niet zomaar, landen niet op je en vermijden contact liever. Bense noemde ze in de uitzending “onze geheime huisgenoten”, omdat ze vaak ongemerkt in spouwmuren of daken verblijven zonder schade aan te richten.
Het onderzoek richt zich in de periode van mei tot en met juli vooral op kraamkolonies. Dat zijn verblijfplaatsen in gebouwen waar vrouwtjes samenkomen om hun jongen te zogen en groot te brengen. Als zo’n kolonie wordt ontdekt, moet die binnen 48 uur worden geteld.
Daarvoor zoekt de gemeente vrijwilligers. Een telavond duurt ongeveer een uur en vindt plaats rond zonsondergang. Vrijwilligers hoeven geen ecologische achtergrond te hebben, maar krijgen vooraf uitleg en begin mei een korte training van een ervaren ecoloog.
Volgens Bense is het tellen niet alleen nuttig, maar ook bijzonder om mee te maken. Vrijwilligers worden niet zelf op zoek gestuurd, maar krijgen locaties door waar ecologen al vleermuizen hebben vastgesteld. Vervolgens tellen zij hoeveel dieren er uitvliegen. “Het is heel bijzonder om zoveel vleermuizen bij elkaar te zien”, aldus Bense.
Wie meer wil weten, kan terecht op de informatieavond op donderdag 23 april om 19.30 uur in De Meermin aan het Kerkplein 20.
Daar wordt uitgelegd hoe vleermuizen leven, hoe het tellen in zijn werk gaat en wat er van vrijwilligers wordt verwacht. Aanmelden kan via de website van de gemeente. Ook wie niet naar de bijeenkomst kan komen, maar wel interesse heeft om mee te helpen, kan zich daar melden.